equal pacE Vlaams-België en Nederland
  • equal pacE United Kingdom
  • equal pacE Suomi
  • equal pacE France
  • equal pacE Polska
  • equal pacE Vlaams-België en Nederland

Co-funded by the PROGRESS Programme of the European Union

Questions or comments?

Please don't hesitate to contact us if you have any questions, comments or messages.

Please note that we can reply only to requests in English!

Phone: +49 (0) 30 27877-133

Questions or comments?

Please don't hesitate to contact us if you have any questions, comments or messages.

Please note that we can reply only to requests in English!

 Contact form

Over salarisverschillen tussen mannen en vrouwen in België en Nederland

© Fotolia.com

Volgens gegevens van Eurostat is het salarisverschil tussen mannen en vrouwen in België in 2013 9,8 procent. Dit is een van de laagste salarisverschillen vergeleken met het EU-28-gemiddelde van 16,3 procent. Sinds 2007 is dit salarisverschil met een daling van slechts 0,3 procentpunt bijna niet veranderd. In Nederland ontvingen vrouwen in 2013 gemiddeld 16 procent minder salaris dan mannen. Dit percentage is sinds 2007 met 3,3 procentpunt gedaald. We zien dan ook een lichte convergentie tussen de gemiddelde salarissen van mannen en vrouwen. Desalniettemin blijft er in beide landen een aanzienlijk salarisverschil bestaan. 

Wat zijn de redenen voor het salarisverschil tussen mannen en vrouwen? In eerste instantie is het nuttig om werkgelegenheidsstatistieken te bekijken:

In België is het verschil in de arbeidsparticipatie van mannen en vrouwen relatief klein (7,9 procentpunt) - gebaseerd op 65,8 procent voor mannen en 57,9 procent voor vrouwen (in 2014; Eurostat). Ter vergelijking, het gemiddelde verschil in de EU-28 is 10,6 procentpunt met een arbeidsparticipatie van 70,1 procent voor mannen en 59,5 procent voor vrouwen. Met de focus op het opleidingsniveau wordt een typisch patroon zichtbaar: hoger opgeleide mensen hebben vaker een baan. Dit geldt voor mannen en vrouwen en er is geen aanzienlijke afwijking vergeleken met het gemiddelde van de EU-28. Het deeltijdpercentage is meestal zeer relevant bij het verklaren van de (lagere) arbeidsparticipatie van vrouwen. Dit lijkt ook waar te zijn voor België, waar 41,2 procent van de arbeid van vrouwen bestaat uit deeltijdwerk (in 2014). Deze waarde ligt bovendien aanzienlijk hoger dan het gemiddelde deeltijdniveau van 32,2 procent voor landen in de EU-28. Verder verschillen de redenen voor het deeltijdwerken tussen vrouwen in België en vrouwen in andere Europese landen. In België werken vrouwen niet in deeltijd omdat ze geen voltijdbanen kunnen vinden (België: 8,9 procent, EU-28: 26,3 procent); maar ze werken voornamelijk in deeltijd vanwege familieomstandigheden of de zorg voor kinderen of familieleden (België: 49,8 procent, EU-28: 42,2 procent).

In Nederland is de arbeidsparticipatie van mannen en vrouwen relatief hoog: in 2014 had 78,1 procent van de mannen en 68,1 procent van de vrouwen een baan. Beide werkgelegenheidsstatistieken liggen hoger dan het gemiddelde van de EU-28. Vooral de arbeidsparticipatie van vrouwen is binnen de EU relatief hoog. Het meest opvallend zijn de verschillen voor lager opgeleide vrouwen: bijna één op de twee vrouwen met een lager dan secundair onderwijsniveau (47,9 procent) neemt deel aan de Nederlandse arbeidsmarkt (vergeleken met 36,0 procent in de EU-28). Bovendien neemt 71,4 procent van de middelopgeleide vrouwen deel aan de arbeidsmarkt (vergeleken met 62,6 procent in de EU-28). Mannen en vrouwen verschillen ook aanzienlijk op het gebied van deeltijdwerken. Het is bekend dat vrouwen in Nederland verreweg het hoogste deeltijdpercentage kennen (76,6 procent vergeleken met 32,2 procent in de EU-28). Omdat het deeltijdpercentage van vrouwen ongeveer 50 procentpunt hoger is dan dat van mannen, kan dit een grote impact hebben op het salarisverschil tussen mannen en vrouwen. Waar opleidingen of cursussen de belangrijkste redenen zijn dat mannen in deeltijd werken, is het verzorgen van kinderen of familieleden de belangrijkste reden voor vrouwen. Daarom moet de combinatie van werk- en zorgtaken veel aandacht krijgen.

Hoe zit het met de structurele redenen en hun impact op het salarisverschil tussen mannen en vrouwen? De OECD heeft analyses in verschillende landen uitgevoerd om de impact van individuele en functiespecifieke kenmerken op het salarisverschil tussen mannen en vrouwen te schatten. De resultaten voor België en Nederland zijn vergelijkbaar, hoewel het ongecorrigeerde (gemiddelde) salarisverschil behoorlijk verschilt. Werkuren verklaren het grootste gedeelte van het loonverschil - ongeveer 44 procent voor België en 63 procent voor Nederland. Vergeleken met Nederland is het effect van functiekenmerken iets groter in België (23 procent versus 10 procent). Uiteindelijk kan een relatief groot gedeelte van het salarisverschil tussen mannen en vrouwen worden verklaard door de meegewogen kenmerken: 73 procent in België en 81 procent in Nederland). Niet geobserveerde aspecten zoals geslachtsgerelateerde verschillen in onderhandelingsstrategieën of voorkeuren voor secundaire arbeidsvoorwaarden kunnen (deels) een verklaring zijn voor het resterende salarisverschil.

En hoe is het beeld voor een individueel bedrijf? Wat zijn de belangrijkste oorzaken van het salarisverschil op bedrijfsniveau? Bedrijven in zowel Vlaams-België als in Nederland worden uitgenodigd om van de equal pacE web-tool gebruik te maken en zo voor hun bedrijf de beloningsstructuren te controleren en de oorzaken van een mogelijk salarisverschil te identificeren. Werkgevers in Wallonië worden uitgenodigd om de Franse versie van de equal pacE web-tool te gebruiken.

Waarom maken we gelijke beloningen voor mannen en vrouwen niet een kernwaarde van ons personeelsbeheer met ondersteuning door equal pacE?